U heeft zorg nodig voor uzelf, uw ouder, partner of kind. De AWBZ en de Wmo zorgen ervoor dat die noodzakelijke ondersteuning er komt.
1. Persoonlijke verzorging
Daarbij kunt u denken aan zaken als: helpen met douchen: wassen op bed; aankleden; scheren; huidverzorging; hulp bij de toiletgang; hulp bij het eten en drinken; hulp bij het gebruik van medicijnen, enz.
2. Verpleging
Daarbij kunt u denken aan zaken als: wondverzorging; toedienen van medicijnen; geven van injecties; advies hoe om te gaan met ziekte; het zelf leren injecteren, enz.
3. Begeleiding
Daarbij kunt u denken aan zaken als: ondersteuning om de dag te structureren en om beter de regie te kunnen voeren over het eigen leven; dagverzorging; dagbesteding; hulp bij het leren zorgen voor het eigen huishouden, enz.
4. Behandeling (niet mogelijk met een PGB)
Daarbij kunt u denken aan zorg bij een aandoening, zoals revalideren na een beroerte
5. Verblijf (PGB alleen voor tijdelijk verblijf)
In bepaalde gevallen is het niet mogelijk zelfstandig te blijven wonen en is een beschermende woonomgeving nodig is, bijvoorbeeld vanwege ernstige vergeetachtigheid, als er continu toezicht nodig is of er is zoveel zorg nodig, dat dit thuis niet meer te regelen is.
1. Huishoudelijke verzorging
2. Hulpmiddelen en voorzieningen
Daarbij kunt u denken aan zaken als een scootmobiel, rolstoel, woningaanpassing, enz.
U heeft behoefte aan zorg. Afhankelijk van het soort zorg dat u nodig heeft is de eerste stap die u zet het inschakelen van:
Zij stellen vast of, hoeveel en welk type zorg u nodig heeft. Dit heet een indicatiestelling.
Het CIZ stelt in veel gemeenten ook de indicatie voor de Wet maatschappelijke ondersteuning (bijvoorbeeld huishoudelijke zorg, rolstoelen, woonvoorzieningen, vervoer etc) en welzijnsvoorzieningen (bijvoorbeeld maaltijdverstrekking, recreatieve activiteiten, sociale activiteiten etc).
Let op!